Future Up verbindt ondernemers, retail, overheden en inkopers. Alle partijen werken samen aan duurzame groei. Er zijn drie pijlers: Textiel, Bouw & Infra en Voedsel & Landbouw. In gesprek met Gerard Teuling over het belang van biodiversiteit, keurmerken en boeren die het beste in elkaar (en uit de grond) naar boven halen.
Gerard is Food & Agriculture expert bij Future Up. Op zijn verzoek spreken we af bij regeneratieve boerderij Schevichoven in Leersum. Hier groeien meerjarige gewassen in een gelaagde permacultuur. We zien fruitbomen, groene aspergeplanten, kruiden, bessenstruiken en meer. Op diverse hoogten, waarbij de gewassen elkaar goed aanvullen én gezond houden, zonder gebruik van schadelijke (mest)stoffen. Daarnaast versterkt ‘biodiversiteit’ het bodemleven en houdt het meer water en stikstof vast. Ondertussen profiteert de boer van hogere opbrengsten, minder klimaatschade en een gespreid risico. “Bovendien groeit de vraag naar regeneratieve producten”, vult Gerard aan. “In die zin is er echt sprake van een verdienmodel. Steeds meer bedrijven kiezen voor gewassen die niet alleen beter zijn voor de natuur, maar ook lekkerder zijn en aantoonbaar méér voedingswaarden hebben.”
Erfbezoeken
Future Up werkt samen met boerenbedrijven als Schevichoven en biedt kennis en ondersteuning om te investeren in regeneratieve landbouw. Daarnaast helpt Future Up boeren aan afzetmogelijkheden, zodat deze manier van landbouw ook economisch rendabel wordt. In samenwerking met Bidfood en Van Gelder Groente & Fruit zorgt Future Up ervoor dat klanten de gewassen eenvoudig kunnen bestellen. Om inkopers, beleidsmakers en andere boeren te enthousiasmeren, organiseert Future Up erfbezoeken op het land van de boer. Daar kunnen zij het verschil met reguliere landbouw zelf zien én proeven. Reguliere landbouw draait vaak om enkele gewassen (monocultuur), waarbij het gebruik van pesticiden en verschraling van de bodem veel voor komt.
Van varkens tot fruitbomen

“We zien dat steeds meer boeren die overstap maken”, vertelt Gerard. “Dat komt omdat de aanpak werkt. Dit voorjaar hadden we veel regen, die op de akkers bleef staan. En afgelopen zomer was het juist weer heel droog. Regeneratieve boeren hebben daar minder last van, omdat hun akkers het wateroverschot beter kunnen verwerken én omdat tijdens droogte het grondwater gemakkelijker de gewassen bereikt. Dit inspireert ook de naastgelegen boeren, die de praktijken van hun regeneratieve buren willen overnemen.”
Totaaloplossing
Volgens Gerard zijn minder biodiversiteit en meer CO2-uitstoot de grootste milieu-uitdagingen in de voedingsindustrie. Regeneratieve landbouw biedt voor beide een oplossing. Het bevordert de biodiversiteit, plus de opname van CO2 door gezonde bodems en gewassen. En dus hoopt Future Up dat ook inkopers de natuurherstellende landbouw verkiezen boven de reguliere. “Bidfood biedt al een groot aantal regeneratieve producten aan”, zegt Gerard. “Toch kent men lang niet alle voordelen van deze vorm van landbouw. Dit hopen we te doorbreken met onze erfbezoeken, waarbij we met de inkopers het land op gaan. Daar vertellen we hoe belangrijk biodiversiteit is, en dat je hiermee een soort totaaloplossing biedt voor actuele milieu- en klimaatproblemen - van CO2-uitstoot tot langdurige droogte en hevige regenval.”
Geen niche, maar standaard
Waar biologische landbouw een keurmerk heeft, doet de regeneratieve landbouw het voorlopig nog zonder. Volgens Gerard is zo’n keurmerk echter goed denkbaar. Daarvan hoopt hij wel dat het niet teveel (financiële) rompslomp met zich meebrengt. “Een keurmerk legt de bewijslast bij de boer”, zegt hij. “Die moet aantonen dat aan alle voorwaarden wordt voldaan. Dat levert vaak extra kosten en werklast op, terwijl een reguliere boer die niét aan bodemherstel doet – integendeel zelfs – gewoon zijn gang kan gaan. Dat wrikt natuurlijk. Het is goed dat er keurmerken zijn, maar ze zijn niet zaligmakend. Belangrijker is dat iedereen in de sector zijn verantwoordelijkheid neemt: niet alleen boeren en partners als Future Up, Bidfood en cateraars, maar juist ook de inkopers van bedrijven. Als zij regeneratief gaan inkopen, blijft regeneratief geen ‘niche’, maar wordt het de standaard.”
Uit Served 3 2026



